Het IND-formulier 'Aanvraag om toetsing aan het EU-recht' vermeld de volgende documenten:

  • Uw paspoort of identiteitskaart. Indien u niet over een paspoort of identiteitskaart beschikt: andere stukken waaruit uw nationaliteit en identiteit met zekerheid kunnen worden vastgesteld
  • Het Nederlands paspoort van uw kind
  • De geboorteakte van uw kind of, als uit de geboorteakte de familierechtelijke relatie tussen u en het kind niet blijkt, andere bewijsmiddelen waaruit de band tussen u en het Nederlandse kind blijkt, bijvoorbeeld documenten van een eventuele adoptie of pleegzorg;
  • Bewijsstukken dat uw kind in Nederland woont. Let op: als uw kind is ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP) van de gemeente is voldoende aangetoond dat uw kind in Nederland woont en hoeft u hiervoor geen bewijsstukken bij te voegen
  • Bewijsstukken waaruit blijkt dat u de daadwerkelijke zorg hebt over uw Nederlandse kind in Nederland en/of in uw land van herkomst (bijvoorbeeld foto’s (kopieën, geen originelen), verklaringen van school, huisarts, specialist of andere instanties of organisaties)
  • Bewijsstukken waaruit blijkt dat u het rechtmatig gezag over uw kind heeft
  • Bewijsstukken waaruit blijkt dat u uw kind financieel onderhoudt
  • Bewijsstukken waaruit blijkt dat uw kind bij u inwoont
  • Indien de ouders niet samenwonen: het ouderschapsplan, of de omgangsregeling, waarin de afspraken staan over de verzorging en opvoeding van uw kind en bewijsstukken waaruit blijkt dat deze afspraken worden nagekomen
  • Indien u reeds verblijfsrecht geniet in de EU: bewijsstukken van de autoriteiten van die lidstaat dat uw verblijfsrecht is vervallen.

Afhankelijk van de individuele situatie kunnen andere documenten van belang zijn om bij de aanvraag te overleggen.